Onderzoek aan het Sterrenkundig Instituut


De twee koepels van het Anton Pannekoek Observatorium bovenop het instituut bij zonsondergang (credits: Rudy Wijnands).

Nederland levert al een paar eeuwen een meer dan gemiddeld aandeel aan sterrenkundig onderzoek wereldwijd. Christiaan Huygens, Gerard Kuiper, Jan Oort en Anton Pannekoek hebben allen bijgedragen aan een beter begrip van het universum om ons heen. Nog steeds is Nederland sterk vertegenwoordigd tussen de grote landen. Momenteel bieden vier universiteiten sterrenkunde aan. Deze vier, Groningen, Amsterdam, Leiden en Nijmegen werken samen onder het samenwerkingsverband NOVA. Samen met de instituten ASTRON (radiotelescoop Lofar en Westerbork) en SRON (technologie ontwikkeling voor o.a. satellieten) heeft Nederland een stevige aanwezigheid in deze internationale wetenschap. Elke universiteit heeft bepaalde specialisaties. Op het sterrenkundig instituut Anton Pannekoek in Amsterdam wordt voornamelijk gewerkt aan:

  • Planeetvorming en Exoplaneten
  • De vorming en evolutie van zware sterren
  • Röntgendubbelsterren, neutronensterren en jets
  • Explosies: gamma-ray bursts, supernovae, magnetische en thermo-nucleaire uitbarstingen


Planeetvorming en Exoplaneten

De vorming en evolutie van zware sterren

Röntgendubbelsterren, neutronensterren en jets

Explosies: gamma-ray bursts, supernovae, magnetische en thermo-nucleaire uitbarstingen